Hoe bepaal ik de parameters voor hotspots?
Hotspots helpen je om locaties te identificeren waar voertuigen gedurende een bepaalde tijd op (bijna) dezelfde plaats blijven. Door de juiste parameters in te stellen, krijg je een relevant en bruikbaar overzicht van mogelijke nuttige plaatsen.
Met de hotspot-parameters bepaal je welke locaties worden voorgesteld en onder welke voorwaarden. Door deze instellingen correct af te stemmen op je use case (analyse, rapportering of creatie van nuttige plaatsen), vermijd je ruis en werk je efficiënter.
1. Status van het voertuig instellen 🚗
Dit veld bepaalt in welke voertuigstatus hotspots worden gezocht.
-
Standaard staat dit op Standaard van het voertuig
-
Dit omvat alle mogelijke statussen:
-
Rijden
-
Stilstaan
-
Stationair
-
(Eventueel) slepen
-
-
-
In de praktijk zullen hotspots meestal gebaseerd zijn op stilstand, omdat een voertuig zelden lang genoeg op exact dezelfde locatie rijdt.
Zo pas je dit aan:
-
Klik op het neerwaartse pijltje rechts om de lijst te openen
-
Selecteer de gewenste status
-
Of gebruik de pijltjes links om door de statussen te bladeren
2. Voertuigen selecteren 🚛
Hier bepaal je voor welke voertuigen hotspots worden berekend.
-
Klik op Selecteer
-
Maak je keuze volgens de methode beschreven in:
-
Hoe resources selecteren en filteren?
-
✔️ Je kan één of meerdere voertuigen tegelijk selecteren.
3. Termijn bepalen 📅
De termijn bepaalt over welke periode hotspots worden gezocht.
-
Standaard: van gisteren tot vandaag
-
Aanpassen kan op twee manieren:
-
Gebruik de pijltjes links van start- en einddatum
-
Klik op de datum en selecteer een nieuwe datum via de kalender
-
Zie ook: Hoe selecteer ik een datum?
-
-
4. Minimale duur instellen ⏱️
Een locatie wordt pas als hotspot voorgesteld wanneer het voertuig er lang genoeg aanwezig is.
-
Standaard minimale duur: 5 minuten
-
Dit betekent:
-
Het voertuig moet zich minstens deze tijd binnen dezelfde locatie bevinden
-
Rekening houdend met de ingestelde maximale afstand
-
✏️ Pas dit aan door de gewenste duur in minuten in te vullen.
5. Maximale afstand bepalen 📏
De maximale afstand bepaalt hoe ver een voertuig zich mag verplaatsen en toch als dezelfde hotspot wordt beschouwd.
-
Standaardwaarde: 100 meter
-
Indien de verplaatsing binnen deze afstand blijft:
-
Worden locaties samengevoegd tot een cluster
-
-
Binnen een cluster:
-
Worden alle locaties opgesomd
-
Worden ze afzonderlijk op de kaart gemarkeerd
-
🔄 Bij het aanmaken van een nuttige plaats kan je:
-
Vertrekken vanuit de cluster
-
Of kiezen voor één specifieke locatie binnen de cluster
✏️ Wijzig dit door de gewenste maximale afstand (in meter) in te vullen.
Belangrijke aandachtspunten ❗
-
Een te korte duur of grote afstand kan leiden tot irrelevante hotspots
-
Een te strenge instelling kan waardevolle locaties uitsluiten
-
Stem parameters af op:
-
Analyse-doel
-
Type voertuigen
-
Gebruik (rapportering vs. creatie nuttige plaats)
-
👉 Meer info over het vervolgproces vind je in:
Hoe maak ik een nuttige plaats aan vanuit een hotspot?
SEO-samenvatting 🔍
Met de hotspot-parameters bepaal je welke voertuiglocaties worden voorgesteld op basis van status, voertuigen, periode, minimale duur en maximale afstand. Correct instellen zorgt voor relevante hotspots en efficiënte creatie van nuttige plaatsen.